Alan Bennett

9 mei 1934 ( Armley, Leeds, Yorkshire, Verenigd Koninkrijk )

Alan Bennett behoort tot de meest geliefde stemmen van de Britse letteren van de afgelopen zestig jaar. Als toneelschrijver, scenarist, prozaïst en dagboekschrijver heeft hij een oeuvre opgebouwd dat het alledaagse leven van gewone mensen met ongewone precisie in kaart brengt. Zijn werk is tegelijk licht en melancholisch, en juist die combinatie maakt het zo duurzaam. Wie Bennett leest, hoort een schrijver die luistert voordat hij spreekt.

Biografie

Alan Bennett werd op 09/05/1934 geboren in Armley, een arbeiderswijk van Leeds in het noorden van Engeland. Zijn vader Walter was slager bij de coöperatieve winkel, zijn moeder Lilian Mary Peel hield het huishouden. Het was een bescheiden, ingetogen gezin, en de verlegenheid en de taal van zijn ouders zouden later de grondtoon van zijn werk bepalen. Bennett bezocht de Leeds Modern School en leerde tijdens zijn dienstplicht Russisch aan de Joint Services School for Linguists. Daarna studeerde hij geschiedenis aan Exeter College in Oxford, waar hij in 1957 met de hoogste onderscheiding afstudeerde en vervolgens enkele jaren middeleeuwse geschiedenis doceerde aan Magdalen College.

Zijn leven nam een andere wending in 1960, toen hij met Peter Cook, Dudley Moore en Jonathan Miller de satirische revue Beyond the Fringe bracht op het festival van Edinburgh. De voorstelling verhuisde naar Londen en Broadway en wordt beschouwd als het begin van de Britse satiregolf van de jaren zestig. Bennett verliet de universiteit en koos definitief voor het schrijven. Zijn eerste toneelstuk, Forty Years On (1968), situeerde hij in een kostschool en liet hij uitgroeien tot een weemoedige, ironische kroniek van het Engeland van de twintigste eeuw. Daarna volgden onder meer Habeas Corpus (1973), The Old Country (1977) en Enjoy (1980).

In de jaren tachtig en negentig vond Bennett een breed publiek via de televisie. De monologenreeks Talking Heads (1988), waarin eenzame personages in een huiskamer hun leven vertellen zonder te beseffen wat zij prijsgeven, geldt als een hoogtepunt van het Britse televisiedrama. Met The Madness of George III (1991) en de verfilming daarvan als The Madness of King George (1994) bereikte hij ook een internationaal publiek. In 1997 werd bij hem darmkanker vastgesteld; de ziekte ging in remissie, maar het vooruitzicht van een vroege dood zette hem aan tot het schrijven van de memoires die in 2005 als Untold Stories verschenen. Jarenlang woonde hij in Camden Town, waar een excentrieke dakloze vrouw haar bestelwagen in zijn voortuin parkeerde en vijftien jaar bleef, een episode die hij verwerkte in The Lady in the Van.

The History Boys (2004), een stuk over een klas jongens in Sheffield die worden klaargestoomd voor de toelatingsexamens van Oxford en Cambridge, werd zijn grootste theatersucces en werd in Londen en New York overladen met prijzen. Daarna schreef hij The Habit of Art (2009), People (2012) en Allelujah (2018). Als prozaïst verraste hij met de novelle The Uncommon Reader (2007), waarin de Britse koningin bij toeval een rijdende bibliotheek ontdekt en een verwoede lezer wordt. Zijn dagboeken, die hij jaarlijks publiceert in de London Review of Books en die gebundeld verschenen in Writing Home (1994), Untold Stories (2005) en Keeping On Keeping On (2016), vormen een eigen literair genre: nuchter, geestig en onverwacht ontroerend.

Bennett heeft zich altijd afzijdig gehouden van het establishment. Hij weigerde in 1988 de onderscheiding CBE en in 1996 een ridderorde, en sloeg in 1998 een eredoctoraat van Oxford af uit protest tegen een schenking van Rupert Murdoch aan de universiteit. Hij woont in Londen met zijn partner Rupert Thomas en bezit een huisje in de Yorkshire Dales. Op negentigjarige leeftijd publiceerde hij de novelle Killing Time (2024), een donkere komedie over de bewoners van een bejaardentehuis in de tijd van de pandemie. Na de dood van Jonathan Miller in 2019 is hij het laatste nog levende lid van het kwartet van Beyond the Fringe, en nog steeds een van de scherpste waarnemers van het Engelse leven.

1963: Special Tony Award, Beyond the Fringe (gedeeld)
1968: Evening Standard Theatre Award, Special Award, Forty Years On
1987: Evening Standard British Film Award, Best Screenplay, Prick Up Your Ears
1989: Hawthornden Prize, Talking Heads
1990: Laurence Olivier Award, Best New Comedy, Single Spies
1992: Laurence Olivier Award, Best Entertainment, Talking Heads
1995: BAFTA, Alexander Korda Award for Best British Film, The Madness of King George
1995: British Book Award, Book of the Year, Writing Home
2004: Evening Standard Theatre Award, Best Play, The History Boys
2004: Critics’ Circle Theatre Award, Best New Play, The History Boys
2005: Laurence Olivier Award, Best New Play, The History Boys
2005: Society of London Theatre Special Award
2006: Tony Award, Best Play, The History Boys
2006: Drama Desk Award, Outstanding Play, The History Boys
2006: J.R. Ackerley Prize for Autobiography, Untold Stories
2006: British Book Award, Author of the Year
2008: Bodley Medal

Bennett schrijft toneel, televisiedrama, filmscenario’s, novellen en autobiografisch proza, vrijwel altijd op het snijvlak van komedie en melancholie. Zijn stijl steunt op een feilloos oor voor de spreektaal van het Engelse noorden en de kleine burgerij, op understatement en op het veelzeggende detail. Achter de humor schuilt steeds een beschouwing over eenzaamheid, klasse, geheugen en sterfelijkheid.